Menu

Rien Donkersloot speelt Bach in Joriskerk

Johann Sebastian Bach overleed op 28 juli 1750. Voor veel organisators van orgelconcerten is dat de reden om rond die sterfdag een Bachconcert te organiseren. Ook in de Sint-Joriskerk in Amersfoort gebeurt dat. Op woensdagavond 26 juli geeft Jorisorganist er een concert met uitsluitend Bach.

Het concert begint op het koororgel. Daar speelt Rien Donkersloot de Aria variata alla maniera Italiana, BWV 989 en Preludium und Fuge in C, BWV 531.

Het hoofdorgel van Naber werd gebouwd in 1844, bijna honderd jaar na Bachs dood. Hoewel de ideeën over orgelbouw en -klank in de tussentijd flink veranderd zijn, is het hooforgel toch een zeer geschikt instrument om Bach uit te voeren. Uit de Kunst der Fuge, BWV 1080 speelt Rien Donkersloot Contrapunctus 14. Vervolgens het driedelige Concerto in G, BWV 592 (naar Johann Ernst von Sachsen-Weimar).

De muziek van Bach blijft muzikanten bezighouden. Dat gebeurt bijvoorbeeld door het maken van transcripties van Bachs instrumentale muziek of koorwerken voor orgel. De Franse organist André Isoir (1935-2016), bijvoorbeeld, maakte een bewerking voor orgel van Schafe können sicher weiden, uit de cantate BWV 208. Rien Donkersloot laat horen hoe mooi Isoir dat gedaan heeft.

Donkersloot maakt zelf ook transcripties. Een aantal ervan heeft hij de afgelopen tijd in de Sint-Joriskerk laten horen. Op dit concert speelt hij zijn eigen arrangement van het Siciliano uit cantate BWV 169. Hij laat het horen als middendeel tussen het Preludium en de Fuga in Es, BWV 552, waarmee hij het concert afsluit.

Rien Donkersloot (Rotterdam, 1985) is sinds 2012 organist van de Sint-Joriskerk in Amersfoort. Hij studeerde orgel en kerkmuziek aan het Rotterdams Conservatorium bij Bas de Vroome en Ben van Oosten en studeerde hiervoor summa cum laude af. Naast orgel speelt Rien beiaard. Hij studeerde aan de Nederlandse Beiaardschool in Amersfoort bij Frans Haagen. In juni 2011 studeerde hij cum laude af.

Hij is behalve aan de St.-Joriskerk in Amersfoort ook als organist verbonden aan de Laurentiuskerk te Mijnsheerenland. Daarnaast is hij stadsbeiaardier van Haarlem, Brielle, Goes en Ridderkerk. Verder is hij actief als privédocent en heeft hij een uitgebreide concertpraktijk op orgel en beiaard. Van zijn spel verschenen diverse cd’s, die in de pers zeer positief werden ontvangen.

Het Strubbe Orgelpositief

In de kerkzaal van verpleeghuis ‘’De lichtenberg” te Amersfoort werd in 1977 een klein positief geplaats dat door Hendrik Strubbe is vervaardigd. Daar enkele jaren terug het besluit is genomen het gebouw af te breken, heeft de diaconie van de Protestantse gemeente het orgel aan de Sint Joriskerk geschonken.  In eigen beheer is het instrument in 2021 gedemonteerd, in de Noordbeuk van de stadskerk weer opgebouwd en ’two-tone classic’ geschilderd.

Voor kleuradvies is Gerard de Jongh – restauratieschilder – geraadpleegd die ook de logo’s en de gouden biezen op het orgelmeubel heeft aangebracht.  Om de bruikbaarheid te vergroten is de Octaaf 1 voet met het bijmaken van enkele nieuwe pijpen een quint opgeschoven. De herintonatie is verzorgd door orgelmaker Sander Booij. Om het gebruik ten opzichte van de andere 3 instrumenten in de kerk te onderscheiden, heeft het instrument nu een middentoonstemming gekregen. Tevens zijn nieuwe registeropschriften, snijwerk en registerknoppen vervaardigd. Het orgelpositief heeft de volgende dispositie:

Holpijp 8’, 

Gedekte fluit 4’, 

Prestant 2’ en Quint 11/3’.  

Het pedaal is met een koppel aangehangen.

Het Metzler Orgelpositief

Na de restauratie van de Sint-Joriskerk in 1967 blijkt in de Gerfkamer (een zijzaalvan de kerk waar vroeger de priester zich omkleedde) behoefte aan een klein kabinetorgel. Ook hierin voorziet de familie Pon door een klein verrijdbaar orgel te schenken. Het instrument is eveneens vervaardigd door de orgelbouwers Metzler & Söhne. De luiken van het orgel zijn beschilderd door kunstenaar Antonio Frasson (Luzern).

Het orgeltje staat de laatste tijd meestal in de koorruimte van de Joriskerk.

Dispositie
Gedackt 8′
Rohrflöte 4′
Principal 2′

Stemming:
Evenredig zwevend Toonhoogte: a’ = 437 hz.

Het Metzler Koororgel

Het koororgel, geschonken door de Amersfoortse auto-importeur Ben Pon, is in 1967gebouwd als eenklaviers orgel. De Zwitserse orgelmaker Metzler & Söhne bouwt het orgel naar ontwerp van medewerker Bernhardt Edskes (1940-2022). Het instrument krijgt een plaats in het zuidelijke zijschip van de Joriskerk, waar in verband met de restauratie van het gebouw een deel is afgeschot om kerkdiensten te kunnen houden. Daarna is naar zijn huidige plaats bij het oxaal gebracht.

In 2018/19 plaatst Bernhardt H. Edskes Orgelbau, Wohlen (Zwitserland) een Borstwerk met zes stemmen, waarvoor bij de bouw al ruimte was vrijgehouden. Het Borstwerk is zwelbaar via deurtjes die met de hand bediend kunnen worden. In 2022 breidt Edskes het orgel opnieuw uit met vier pedaalregisters.

Hoofdmanuaal:

Quintade 16′
Prinzipal 8′
Hohlflöte 8′
Octave 4′
Rohrflöte 4′
Quinte 3′
Octave 2′
Mixtur IV sterk
Trompete 8′

Borstwerk:

Gedackt 8′
Flöte 4′
Gemshorn 2′
Quinte 1 1/3′ (B/D)
Tertz 1 3/5′ (B/D)
Dulzian 8′ (B/D)

Pedaal:

Untersatz 16′
Subbaß 16′
Gedackt 8′
Octave 4′
Fagot 16′

Koppelingen- en speelhulp:

Ped – Hoofdwerk
Ped- Borstwerk
Manuaal koppel
Tremulant

Het Naber Hoofdorgel

Carl Friedrich August Naber (1797-1861) bouwt in 1844 een nieuw drieklaviers orgel voor de Sint-Joriskerk in Amersfoort. Het is het grootste instrument uit zijn oeuvre. Hij plaatst het instrument op het gotische oxaal aan de oostkant van de kerk. Hij gebruikt bij de bouw vijf registers uit het vorige orgel van de kerk, een werkstuk van Pieter Gerritsz. uit 1551, waarin zich ook pijpen bevinden van Van Hagerbeer uit 1636.

Vanaf 1903 heeft J. de Koff het Naber-orgel in onderhoud. Hij vervangt op het Rugwerk de Dulciaan door een Echotrompet 8’. Op het Bovenwerk vervangt hij de Quintadeen  en Sifflet1’ door een Vioolprestant 8’ en een Voix Céleste 8’. In 1970 begint hij een grote restauratievan het orgel. In het kader van de kerkrestauratie krijgt het instrument een plek aan de andere kant van de kerk, op een nieuw platform. De Koff, die tijdens de restauratie failliet gaat,herstelt de oorspronkelijke dispositie. Daarbij krijgt het Rugwerk een Naber-Dulciaan uit 1953, afkomstig uit Vriezenveen. Flentrop voltooit de restauratie in 1972. In 1995 restaureert Flentrop het orgel opnieuw en voert in de jaren daarna intonatiecorrecties uit aan de tongwerken van het orgel. In 2012 krijgt het orgel een grote schoonmaakbeurt en wordt het opnieuw geschilderd.

Hoofdwerk [II] C – f3
Prestant 16′
Bourdon 16′
Prestant 8′ *
Holpijp 8′
Octaaf 4′ *
Openfluit 4′
Quint 3′ *
Octaaf 2′
Mixtuur 4-6 st.
Scherp 3-4 st.
Cornet D 5 st.
Fagot 16′
Trompet 8′

Rugwerk [I] C – f3
Prestant 8′
Roerfluit 8′
Bourdon 8′
Octaaf 4′
Holfluit 4′
Woudfluit 2′
Sexquialter 2 st. *
Mixtuur 3-5 st.
Dulciaan 8′

Bovenwerk [III] C – f3
Prestant 8′ *
Holpijp 8′ *
Quintadena 8′
Viola di Gamba 8′
Octaaf 4′ *
Fluit 4′ *
Nasard 3′
Gemshoorn 2′
Flageolet 1′
Hoboe 8′
Vox humana 8′
Tremulant

Pedaal C – f1
Prestant 16′
Subbas 16′
Octaaf 8′
Octaaf 4′
Bazuin 16′
Trompet 8′
Vox humana 8′
Tremulant

Koppelingen:
Hoofdwerk – Rugwerk
Hoofdwerk – Bovenwerk
Rugwerk – Hoofdwerk (1995)
Pedaal –Hoofdwerk
Pedaal – Rugwerk (1900)

Hoofdwerk [II] C – f3
Prestant 16′
Bourdon 16′
Prestant 8′ *
Holpijp 8′
Octaaf 4′ *
Openfluit 4′
Quint 3′ *
Octaaf 2′
Mixtuur 4-6 st.
Scherp 3-4 st.
Cornet D 5 st.
Fagot 16′
Trompet 8′

Rugwerk [I] C – f3
Prestant 8′
Roerfluit 8′
Bourdon 8′
Octaaf 4′
Holfluit 4′
Woudfluit 2′
Sexquialter 2 st. *
Mixtuur 3-5 st.
Dulciaan 8′

Bovenwerk [III] C – f3
Prestant 8′ *
Holpijp 8′ *
Quintadena 8′
Viola di Gamba 8′
Octaaf 4′ *
Fluit 4′ *
Nasard 3′
Gemshoorn 2′
Flageolet 1′
Hoboe 8′
Vox humana 8′
Tremulant

Pedaal C – f1
Prestant 16′
Subbas 16′
Octaaf 8′
Octaaf 4′
Bazuin 16′
Trompet 8′
Vox humana 8′
Tremulant

Koppelingen:
Hoofdwerk – Rugwerk
Hoofdwerk – Bovenwerk
Rugwerk – Hoofdwerk (1995)
Pedaal –Hoofdwerk
Pedaal – Rugwerk (1900)