De orgelcommissie van de Sint-Joriskerk in Amersfoort is bijzonder blij met de benoeming van Wibren Jonkers (27) als opvolger van organist Rien Donkersloot. De Hervormde Wijkgemeente Sint-Joriskerk Amersfoort heeft de benoeming vrijdagochtend (17 juli) bekendgemaakt. Rien Donkersloot is afgelopen maart organist geworden van de Groote Kerk in Maassluis.
Jonkers was een van de drie kandidaten die vorige week vrijdag in de Joriskerk proefspeelden voor de externe jury, bestaande uit Cor Ardesch, Gerrit Christiaan de Gier en Sietze de Vries. De kandidaten moesten literatuur spelen op koor- en hoofdorgel en samenzang van vijf liederen begeleiden. De jury was unaniem in de keuze voor Jonkers.
Een gelukkige samenloop van omstandigheden dat Wibren al door de orgelcommissie ingeboekt om een orgelconcert in de Sint-Joriskerk te verzorgen. Dat concert vindt plaats op woensdag 12 augustus aanstaande, aanvang 20:00 uur.
Wibren Jonkers is geboren in Harderwijk en groeide op in Nunspeet en woon daar nog steeds. Hij studeerde hoofdvak orgel aan het Conservatorium van Amsterdam bij Pieter van Dijk en Matthias Havinga. Hij volgde lessen basso continuo bij Miklós Spányi, klavecimbel en klavichord bij Menno van Delft, en piano bij Jaap Kooi. Aan het Rotterdams Conservatorium (Codarts) studeerde hij kerkmuziek en kreeg hij improvisatielessen van Hayo Boerema. Masterclasses volgde hij bij onder anderen Michel Bouvard, Ben van Oosten, Louis Robilliard en Thomas Trotter.
Naast zijn muzikale activiteiten studeert Wibren theologie aan de Theologische Universiteit inApeldoorn, waar hij onderzoek doet naar de wisselwerking tussen muziek en geloofsbeleving en de wijze waarop theologische inzichten de plaats en functie van muziek binnen de liturgie bepalen.
Als kerkmusicus is Wibren verbonden aan de Fonteinkerk te Amersfoort. Daarnaast is hij cantor van de Protestantse Gemeente Zeewolde en vesperorganist van de Oude Kerk in Amsterdam en de Domkerk te Utrecht. Hij geeft orgel- en pianoles, treedt veelvuldig op als continuospeler en begeleidt koren en solisten, onder meer als vaste organist van het Kampen Boys Choir. Zijn spel werd bekroond met diverse prijzen, waaronder eerste prijzen op het Duyschot Orgelconcours Amsterdam (2022) en de International Martini Organ Competition Groningen (2024).
Op 20 april 2024 is het Strubbe-positief in de Sint-Joriskerk in gebruik genomen. Het orgel staat opgesteld in de koorsluiting van de noordelijke zijbeuk.
Het orgel is in 1977 gebouwd door orgelmaker Hendrik Strubbe (1925-1997) uit Vinkeveen voor de kerkzaal van (van oorsprong hervormde) verpleeghuis ‘De Lichtenberg’ aan de Utrechtseweg in Amersfoort. Bij de oplevering had het vier stemmen, alle gedeeld in bas en discant. Toen enkele jaren later werd besloten het gebouw af te breken, heeft de diaconie van de Protestantse gemeente het orgel aan de Sint–Joriskerk geschonken.
In eigen beheer is het instrument in 2021 gedemonteerd, in de noordbeuk van de Joriskerk opgebouwd en in zogenoemd ’two-tone classic’ geschilderd. Voor kleuradvies is restauratieschilder Gerard de Jongh geraadpleegd. Hij heeft ook de logo’s en de gouden biezen op het orgelmeubel aangebracht. Ook zijn registeropschriften, snijwerk en registerknoppen nieuw gemaakt.
Om de bruikbaarheid te vergroten, is de Octaaf 1’ opgeschoven tot een Quint 1 1/3’, waardoor enkele nieuwe pijpen moesten worden bijgemaakt. De herintonatie is verzorgd door orgelmaker Sander Booij. Om het gebruik ten opzichte van de drie andere orgels in de kerk te onderscheiden, heeft het instrument een middentoonstemming gekregen.
Holpijp 8’,
Gedekte fluit 4’,
Prestant 2’ en Quint 11/3’.
Alle registers zijn gedeeld in bas en discant.
Het pedaal is met een koppel aangehangen.
Na de restauratie van de Sint-Joriskerk in 1967 blijkt in de Gerfkamer (een zijzaalvan de kerk waar vroeger de priester zich omkleedde) behoefte aan een klein kabinetorgel. Ook hierin voorziet de familie Pon door een klein verrijdbaar orgel te schenken. Het instrument is eveneens vervaardigd door de orgelbouwers Metzler & Söhne. De luiken van het orgel zijn beschilderd door kunstenaar Antonio Frasson (Luzern).
Het orgeltje staat de laatste tijd meestal in de koorruimte van de Joriskerk.
Dispositie
Gedackt 8′
Rohrflöte 4′
Principal 2′
Het koororgel, geschonken door de Amersfoortse auto-importeur Ben Pon, is in 1967gebouwd als eenklaviers orgel. De Zwitserse orgelmaker Metzler & Söhne bouwt het orgel naar ontwerp van medewerker Bernhardt Edskes (1940-2022). Het instrument krijgt een plaats in het zuidelijke zijschip van de Joriskerk, waar in verband met de restauratie van het gebouw een deel is afgeschot om kerkdiensten te kunnen houden. Daarna is naar zijn huidige plaats bij het oxaal gebracht.
In 2018/19 plaatst Bernhardt H. Edskes Orgelbau, Wohlen (Zwitserland) een Borstwerk met zes stemmen, waarvoor bij de bouw al ruimte was vrijgehouden. Het Borstwerk is zwelbaar via deurtjes die met de hand bediend kunnen worden. In 2022 breidt Edskes het orgel opnieuw uit met vier pedaalregisters.
Hoofdmanuaal:
Quintade 16′
Prinzipal 8′
Hohlflöte 8′
Octave 4′
Rohrflöte 4′
Quinte 3′
Octave 2′
Mixtur IV sterk
Trompete 8′
Borstwerk:
Gedackt 8′
Flöte 4′
Gemshorn 2′
Quinte 1 1/3′ (B/D)
Tertz 1 3/5′ (B/D)
Dulzian 8′ (B/D)
Pedaal:
Untersatz 16′
Subbaß 16′
Gedackt 8′
Octave 4′
Fagot 16′
Koppelingen- en speelhulp:
Ped – Hoofdwerk
Ped- Borstwerk
Manuaal koppel
Tremulant
Carl Friedrich August Naber (1797-1861) bouwt in 1844 een nieuw drieklaviers orgel voor de Sint-Joriskerk in Amersfoort. Het is het grootste instrument uit zijn oeuvre. Hij plaatst het instrument op het gotische oxaal aan de oostkant van de kerk. Hij gebruikt bij de bouw vijf registers uit het vorige orgel van de kerk, een werkstuk van Pieter Gerritsz. uit 1551, waarin zich ook pijpen bevinden van Van Hagerbeer uit 1636.
Vanaf 1903 heeft J. de Koff het Naber-orgel in onderhoud. Hij vervangt op het Rugwerk de Dulciaan door een Echotrompet 8’. Op het Bovenwerk vervangt hij de Quintadeen en Sifflet1’ door een Vioolprestant 8’ en een Voix Céleste 8’. In 1970 begint hij een grote restauratievan het orgel. In het kader van de kerkrestauratie krijgt het instrument een plek aan de andere kant van de kerk, op een nieuw platform. De Koff, die tijdens de restauratie failliet gaat,herstelt de oorspronkelijke dispositie. Daarbij krijgt het Rugwerk een Naber-Dulciaan uit 1953, afkomstig uit Vriezenveen. Flentrop voltooit de restauratie in 1972. In 1995 restaureert Flentrop het orgel opnieuw en voert in de jaren daarna intonatiecorrecties uit aan de tongwerken van het orgel. In 2012 krijgt het orgel een grote schoonmaakbeurt en wordt het opnieuw geschilderd.
Hoofdwerk [II] C – f3
Prestant 16′
Bourdon 16′
Prestant 8′ *
Holpijp 8′
Octaaf 4′ *
Openfluit 4′
Quint 3′ *
Octaaf 2′
Mixtuur 4-6 st.
Scherp 3-4 st.
Cornet D 5 st.
Fagot 16′
Trompet 8′
Rugwerk [I] C – f3
Prestant 8′
Roerfluit 8′
Bourdon 8′
Octaaf 4′
Holfluit 4′
Woudfluit 2′
Sexquialter 2 st. *
Mixtuur 3-5 st.
Dulciaan 8′
Bovenwerk [III] C – f3
Prestant 8′ *
Holpijp 8′ *
Quintadena 8′
Viola di Gamba 8′
Octaaf 4′ *
Fluit 4′ *
Nasard 3′
Gemshoorn 2′
Flageolet 1′
Hoboe 8′
Vox humana 8′
Tremulant
Pedaal C – f1
Prestant 16′
Subbas 16′
Octaaf 8′
Octaaf 4′
Bazuin 16′
Trompet 8′
Vox humana 8′
Tremulant
Koppelingen:
Hoofdwerk – Rugwerk
Hoofdwerk – Bovenwerk
Rugwerk – Hoofdwerk (1995)
Pedaal –Hoofdwerk
Pedaal – Rugwerk (1900)
Hoofdwerk [II] C – f3
Prestant 16′
Bourdon 16′
Prestant 8′ *
Holpijp 8′
Octaaf 4′ *
Openfluit 4′
Quint 3′ *
Octaaf 2′
Mixtuur 4-6 st.
Scherp 3-4 st.
Cornet D 5 st.
Fagot 16′
Trompet 8′
Rugwerk [I] C – f3
Prestant 8′
Roerfluit 8′
Bourdon 8′
Octaaf 4′
Holfluit 4′
Woudfluit 2′
Sexquialter 2 st. *
Mixtuur 3-5 st.
Dulciaan 8′
Bovenwerk [III] C – f3
Prestant 8′ *
Holpijp 8′ *
Quintadena 8′
Viola di Gamba 8′
Octaaf 4′ *
Fluit 4′ *
Nasard 3′
Gemshoorn 2′
Flageolet 1′
Hoboe 8′
Vox humana 8′
Tremulant
Pedaal C – f1
Prestant 16′
Subbas 16′
Octaaf 8′
Octaaf 4′
Bazuin 16′
Trompet 8′
Vox humana 8′
Tremulant
Koppelingen:
Hoofdwerk – Rugwerk
Hoofdwerk – Bovenwerk
Rugwerk – Hoofdwerk (1995)
Pedaal –Hoofdwerk
Pedaal – Rugwerk (1900)